Begin pagina De Triffids
Naar de inhoud

De Triffids

Tijdens het doorkijken van een stapel luisterboeken in een winkel, werd mijn aandacht getrokken door een hoorspel genaamd De Triffids. Dit in 1969 door de AVRO uitgezonden verhaal, is gebaseerd op het boek “The Day of the Triffids” dat John Wyndham in 1951 schreef. Ik kende dat boek niet, maar raakte onmiddellijk gefascineerd door de korte omschrijving die op de omslag van het hoorspel stond. De hele wereldbevolking zou blind worden, op een kleine groep mensen na.

Op een dag in de jaren 70 van de vorige eeuw is over de hele wereld een spectaculaire lichtshow te zien, die naar men denkt afkomstig is van een meteorietenregen. De wereldbevolking kijkt ademloos toe en de oh’s en ah’s zijn niet van de lucht. De hoofdpersoon, Bill Masen, kan tot zijn ergernis niet naar de lichtshow kijken. Hij is een verbouwer van triffids, genetisch gemanipuleerde vleesetende planten, die zich kunnen verplaatsen en mensen met hun zwiepende angel kunnen doden. Deze planten communiceren met elkaar door een klepperend geluid voort te brengen, dat sterk doet denken aan het geklepper van ooievaars. Bill is een paar dagen eerder toegetakeld door een triffid en herstelt in een ziekenhuis in Londen van een oogoperatie. Als hij de dag na de meteorietenregen wakker wordt, ontdekt hij dat alle patiënten en medewerkers die naar de lichtshow gekeken hebben, blind zijn geworden. Ze lopen schreeuwend en huilend door elkaar, stoten zich en vallen van trappen. Bill verwijdert het verband van zijn ogen en kan tot zijn vreugde nog zien. Een blind geworden chirurg die hij probeert te helpen, springt voor zijn ogen uit een raam. Eenmaal buiten gekomen, ontdekt Bill dat deze arts niet de enige is die zelfmoord gepleegd heeft. In Londen is het een chaos. De stroom is uitgevallen, en veel mensen lopen verdwaasd tastend door de straten. Vrijwel iedereen is blind. Alleen de kleine kinderen die sliepen toen de lichtshow plaatsvond en volwassenen die om uiteenlopende redenen niet naar het spektakel gekeken hebben, kunnen nog zien. Zij zijn hun leven niet meer zeker, omdat de blinden hen met geweld willen dwingen hulp te bieden door winkels leeg te halen en hen eten te geven.

Bill weet een eveneens ziende vrouw, Josella Playton, te redden uit de handen van een blinde man, die haar aan een touw met zich mee wil nemen. Hij vlucht met Josella en ze ontdekken dat de triffids, die gehouden werden achter omheiningen, losgebroken zijn en dood en verderf zaaien onder de in paniek geraakte blinde bevolking. Ondertussen breken er allerlei ziektes uit, waaraan nog meer mensen sterven. Zij blijven veelal liggen waar ze stierven, omdat niemand hen kan begraven De nog levende mensen kunnen alleen in leven blijven door winkels leeg te halen. Ze raken verdwaald en ontredderd en kunnen hun huizen en familie niet meer terugvinden. Gewerkt wordt er niet meer en er is geen elektriciteit.

Degenen die nog kunnen zien, verzamelen zich in groepen. Bill en Josella sluiten zich aan bij een groep die een gemeenschap wil stichten op het platteland. Deze gemeenschap moet gaan bestaan uit mensen die nog kunnen zien en blinde vrouwen, omdat zij wel ziende kinderen ter wereld kunnen brengen. Het aantal mensen dat kan zien, moet zo snel mogelijk worden uitgebreid. Een groep blinden wil niet dat de ziende mensen weg zullen trekken en hen in de steek laten. Ze jagen de zienden uiteen en gijzelen een aantal van hen, waaronder Bill. Er ontstaat steeds meer onrust tussen de verschillende groepen overlevenden, die allemaal aanspraak willen maken op de steeds kleiner wordende voedselvoorraden. Steeds meer mensen sterven aan ziektes of worden door triffids gedood. De blinden beseffen dat ze zo niet verder komen en laten de ziende mensen gaan.

Bill vindt een 9-jarig meisje dat nog kan zien. Haar blind geworden ouders die hulp zijn gaan halen, zijn verdwenen. Haar broertje is gedood door een triffid. Samen met dit meisje en Josella, sluit hij zich aan bij een blind echtpaar dat een boerderij bezit. Daar probeert hij een nieuw bestaan op te bouwen. Regelmatig trekt hij er samen met de blinde boer op uit om in het inmiddels letterlijk uitgestorven Londen levensmiddelen, benzine en andere voorraden in te slaan. Hij weet stroom op te wekken met behulp van een aggregaat, bebouwt het land en krijgt melk van de blind geworden koeien. Omdat alle fabrieken stil liggen, moet de groep zelf in alles voorzien. De blinden proberen mee te helpen in het huishouden en houden zich verder bezig met weven en het luisteren naar een oude grammofoon. Omdat zij de situatie niet kunnen overzien, beseffen zij in tegenstelling tot Josella en Bill niet dat de wereld om hen heen niet meer hetzelfde is, dat het eens gecultiveerde land overwoekerd is en dat de verlaten huizen en boerderijen onbewoonbaar zijn. Regelmatig wordt de groep bedreigd door hongerige triffids, die Bill uit alle macht probeert te verjagen.

Ondertussen heeft een andere groep ziende mensen besloten in Engeland naar de macht te grijpen. Zij willen dat Engeland het eerste land is dat uit deze catastrofe opkrabbelt, en dat het de sterkste macht wordt. Zij vinden dat de blinden geen rechten meer hebben En willen dat iedereen die nog kan zien de leiding over tien van hen neemt en hen als slaven inzet op het land. De blinden moeten de ploegen trekken en gemalen triffids eten. Ook moet de ziende bevolking worden uitgebreid, zodat er een nieuwe samenleving opgebouwd kan worden. Bill is het niet met deze gang van zaken eens, en vlucht met zijn groep naar de Kanaaleilanden. Deze eilanden zijn ontdaan van triffids en worden bevolkt door een gemeenschap van zienden en blinden die er in slaagt een samenleving op te bouwen die zichzelf kan bedruipen. Uiteindelijk hoopt deze gemeenschap een middel te vinden waarmee de triffids op het vaste land verdelgd kunnen worden, zodat ook daar het leven weer mogelijk is.

Wat mij in dit verhaal zo boeit, is dat de ziende mensen zo hulpeloos werden toen ze ineens niets meer konden zien. Het waren de overgebleven zienden die uiteindelijk een nieuw bestaan konden opbouwen. Hoe zou het afgelopen zijn als echt iedereen blind geworden was? Hoe zou de wereld zijn als er nooit een gezichtszintuig had bestaan? Zou er dan een levenswaardig leven mogelijk zijn? Hoewel ik blind ben, kan ik mij redelijk redden. Maar komt dat niet juist doordat de andere mensen wel kunnen zien? Zij zijn het immers die de fabrieken laten draaien, zorgen dat er stroom is en eten, dat er infrastructuren bestaan en huizen zijn gebouwd. Zij zijn het ook die zorgen dat ik routes kan leren, en die voor me aan de kant gaan. En zijn het niet de ogen van Co, die zorgen dat ik onbezorgd op pad kan gaan?

Ik denk dat God in al zijn wijsheid de mensen en de dieren niet voor niets gezegend heeft met goede ogen. Het is beter als dat zo blijft. Mocht er dus ooit een meteorietenregen langs de aarde trekken, dan hoop ik dat u zo goed wilt zijn uw blik af te wenden.

Mail voor vragen of opmerkingen naar: emailcontact

Volg me op Facebook:

Facebook

Volg me op Twitter:

Naar boven